Frankrijk: erkenning voor Algerijnse Harkis
De Franse regering wil het leed van de harkis erkennen. Dit zijn soldaten die tijdens de onafhankelijkheidsoorlog tussen 1954 en 1962 in Algerije de Franse kant hebben gekozen. Ze wilden onder Frans bestuur blijven. Na het einde van de oorlog gingen ze naar Frankrijk. Zij die Algerije niet konden verlaten werden vaak vermoord. Video van de Franse president in gesprek met harkis.
Ook in de 19de en in de eerste helft van 20ste eeuw waren er harkis in het Franse koloniale leger. Ze droegen in die tijd een andere naam: tirailleurs. Ze werden ingezet om delen van Tunesië, Libië, Sahara, Sahel en in Oost- en Zuidoost Marokko te veroveren. In de jaren 1920 waren de vrijheidsstrijders in Noord Marokko verbaasd toen ze na gevechten tegen de Fransen ontdekten dat de soldaten geen Fransen maar Algerijnen waren. Nog altijd liggen vier Marokkaanse provincies in Algerije. Tindouf viel tot 1952 onder de administratieve regio van Agadir. De grenzengeschillen tussen Marokko en Algerije zijn tot op vandaag niet opgelost.
De tirailleurs waren gevreesd voor hun wreedheden. Uitgebreid verslag van de moordpartijen op Marokkanen aan de oostgrens aan het begin van de 20ste eeuw is te lezen in "The Conquest of Morocco" van Douglas Porch (2005). Een fragment over de inname in 1903 van het Marokkaans dorp Tighit ten zuiden van Bechar, nu Algerije:
“Het garnizoen was, net als de schans, niet ontworpen met het oog op belegeringsoorlogen. Negentiende-eeuwse officieren waren groot voorstander van het gebruiken van de 'natuurlijke' vechtkwaliteiten van inheemse soldaten. De meerderheid van de 450 troepen bij Taghit bestond uit Algerijnen, mokhazni's en reguliere soldaten van het Armée d'Afrique. Dit zijn onderdelen van tirailleurs en spahis op paarden. Magere, gespierde mannen wier militaire voordeel lag in hun vermogen om zich met buitengewone snelheid over onmogelijk terrein te verplaatsen om de woonkampen van nietsvermoedende mensen aan te vallen. Ze genoten van niets liever dan het vermoorden van Marokkanen. (…)
De verdediging valt de Europese troepen tegen. Bij Taghit in augustus 1903 betekende dit een detachement van de Afrikaanse Lichte Infanterie van Bats d'Af. Ze waren meer een sociaal experiment dan een militaire eenheid. In 1830, het jaar waarin de invasie van Algerije begon, hadden Franse politici met visie de duidelijke voordelen gerealiseerd die Noord-Afrika bood als dumpplaats voor sociaal ongewenste leden. Het leger kreeg de taak de deportaties te organiseren. De Bats d'Af werden oorspronkelijk gerekruteerd uit lastige linkse revolutionairen waarmee Parijs in 1830 vol zat. In 1903 telde de Bats d’Af nog steeds een behoorlijk aantal mannen die door de regering als lastig werden gemerkt. Maar de rekrutering had zich inmiddels uitgebreid naar jeugddelinquenten, kleine criminelen en andere gespuis in de onderwereld van Parijs, Lyon en Marseille.”
Het woord harki komt van Arabisch werkwoord haraka en betekent bewegen. Het woord hirak komt daar vandaar en betekent beweging. In Marokko werd het woord harka vroeger gebruikt om een militaire expeditie aan te duiden. Meer over harki tijdens de onafhankelijkheidsoorlog in Algerije is te lezen in Encyclopédie berbère. Volume XXII. Edisud, 2000.
Afbeelding: Emmanuel Macron en een Algerijnse harki in 2021.